Doorlooptijd
10 werkdagen
48.4
40
DNA-test voor de RASGRP2 c.509_511del-variant die autosomaal recessieve thrombopathia / trombopathie bij de Basset Hound veroorzaakt.
Overzicht
Deze genetische test onderzoekt de RASGRP2 c.509_511del-variant die thrombopathia / trombopathie bij de Basset Hound veroorzaakt. De aandoening wordt ook beschreven als trombocytopatie, plaatjesfunctiestoornis, RASGRP2-gerelateerde bloedplaatjesstoornis en CalDAG-GEFI-gerelateerd bloedingsrisico.
Bij thrombopathia is het aantal bloedplaatjes niet noodzakelijk het probleem: vooral de werking van de bloedplaatjes is verstoord. Bloedplaatjes moeten bij een beschadigd bloedvat snel activeren, aan elkaar kleven en helpen om een stabiele eerste bloedprop te vormen. Door de RASGRP2-variant reageert dit systeem onvoldoende, waardoor bloedingen langer kunnen aanhouden of onverwacht hevig kunnen zijn.
Aangedane honden kunnen last hebben van neusbloedingen, bloedend tandvlees, puntbloedingen op huid of slijmvliezen, opvallend snel blauwe plekken, nabloeden na wondjes of nagels knippen, bloedverlies na tandheelkundige ingrepen of operaties en soms bloedarmoede na herhaald of ernstig bloedverlies. Sommige honden vallen pas op wanneer er een verwonding, operatie of andere stollingsuitdaging optreedt.
Dit kenmerk erft autosomaal recessief over. Een hond met twee normale kopieën is vrij voor de geteste variant. Een hond met één kopie is drager: meestal zonder klachten, maar wel belangrijk voor de fokkerij. Een hond met twee kopieën is genetisch aangedaan en heeft een verhoogd risico op klinisch relevante bloedingsproblemen.
Voor deze variant worden de resultaatlabels gebruikt als N/N, N/del en del/del.
Deze test geeft fokkers, eigenaren en dierenartsen vooraf duidelijkheid over een erfelijk bloedingsrisico dat anders gemakkelijk verborgen blijft. Dat is praktisch waardevol bij fokselectie, familieonderzoek en het plannen van situaties waarbij bloedverlies kan optreden.
Inbegrepen deelanalyses
Deze analyse omvat de volgende subanalyse:
Allelcombinaties en interpretaties
Hieronder vind je per onderzocht locus de mogelijke allelencombinaties die binnen deze analyse gerapporteerd kunnen worden, met telkens een korte toelichting van hun genetische betekenis. De interpretatie van mogelijke interacties tussen verschillende loci wordt op het rapport meegenomen, maar wordt hier niet volledig weergegeven omdat dat op deze pagina tot te veel combinaties zou leiden. De uiteindelijke uiting kan bovendien mee afhangen van andere genen en hun onderlinge interactie.
Genotype / allelencombinatie: Vrij (N/N)
De geteste RASGRP2-variant c.509_511del is niet aangetoond. Deze hond ontwikkelt de geteste RASGRP2-gerelateerde thrombopathia niet door deze variant en geeft deze variant niet door.
Genotype / allelencombinatie: Drager (N/del)
Eén kopie van de geteste RASGRP2-variant c.509_511del is aangetoond. Deze hond is drager: hij ontwikkelt de geteste autosomaal recessieve thrombopathia doorgaans niet, maar kan de variant aan ongeveer de helft van zijn nakomelingen doorgeven. Combineer dragers alleen met vrije honden om aangedane pups te voorkomen.
Genotype / allelencombinatie: Genetisch aangedaan (del/del)
Twee kopieën van de geteste RASGRP2-variant c.509_511del zijn aangetoond. Dit genotype veroorzaakt de geteste RASGRP2-gerelateerde thrombopathia en geeft een duidelijk verhoogd risico op overmatig of langdurig bloeden. Deze hond geeft de variant aan al zijn nakomelingen door.
Bemonstering en insturen





Referenties