Doorlooptijd
10 werkdagen
48.4
40
DNA-test voor de PRKAG3 RN-variant die invloed heeft op spierglycogeen, pH, waterbinding en technologische vleeskwaliteit bij varkens.
Overzicht
Deze DNA-test onderzoekt de PRKAG3 RN-variant bij het varken. In de actuele OMIA-notatie gaat het om NM_214077.1:c.749G>A, terwijl de oorspronkelijke publicatie dezelfde klassieke RN-variant beschreef als c.599G>A en p.R200Q. De test wordt aangeboden onder namen zoals Rendement Napole, RN-gen, RN-allel, Hampshire effect, acid meat en PRKAG3-gerelateerde vleeskwaliteit.
PRKAG3 codeert voor een spier-specifieke subeenheid van AMP-geactiveerde proteïnekinase, een belangrijk enzym in energiestofwisseling. De RN-variant verhoogt het spierglycogeengehalte. Na de slacht kan dit leiden tot een lagere pH, meer verzuring, minder watervasthoudend vermogen, meer kookverlies en een lagere opbrengst van bepaalde verwerkte producten, vooral gekookte ham. Tegelijk kan het vlees op sommige punten anders beoordeeld worden, bijvoorbeeld door een andere textuur, snij-eigenschap, smaak, geur en zuurgraad.
Dit is geen klassieke erfelijke ziekte, maar een genetische eigenschap met duidelijke economische en productietechnische betekenis. Voor fokkers, vermeerderaars en producenten is kennis van de RN-status nuttig om lijnen te sturen, gewenste en ongewenste vleeskwaliteitskenmerken te beheren en selectie niet alleen op uiterlijk of productiegegevens te baseren.
De RN-variant werkt autosomaal dominant. Een dier met G/G draagt de geteste RN-variant niet. Een dier met G/A draagt één kopie van het RN-allel en vertoont het RN-effect. Een dier met A/A draagt twee kopieën; dit bevestigt een duidelijke RN-genotype-status en is relevant voor selectie en paringsplanning.
Inbegrepen deelanalyses
Deze analyse omvat de volgende subanalyse:
Allelcombinaties en interpretaties
Hieronder vind je per onderzocht locus de mogelijke allelencombinaties die binnen deze analyse gerapporteerd kunnen worden, met telkens een korte toelichting van hun genetische betekenis. De interpretatie van mogelijke interacties tussen verschillende loci wordt op het rapport meegenomen, maar wordt hier niet volledig weergegeven omdat dat op deze pagina tot te veel combinaties zou leiden. De uiteindelijke uiting kan bovendien mee afhangen van andere genen en hun onderlinge interactie.
Genotype / allelencombinatie: Vrij van de geteste RN-variant (G/G)
Dit varken draagt de geteste PRKAG3 RN-variant niet. De uitslag ondersteunt selectie van lijnen zonder het dominante RN-effect op spierglycogeen, pH en verwerkingsrendement.
Genotype / allelencombinatie: Eén kopie van de RN-variant (G/A)
Dit varken draagt één kopie van het dominante PRKAG3 RN-allel. Dit genotype veroorzaakt het RN-effect en is relevant voor selectie op pH, waterbinding, kookverlies en verwerkingsrendement.
Genotype / allelencombinatie: Twee kopieën van de RN-variant (A/A)
Dit varken draagt twee kopieën van het PRKAG3 RN-allel. Dit bevestigt een duidelijke RN-status; het genotype veroorzaakt het RN-effect en moet actief worden meegenomen in selectie en paringsplanning.
Bemonstering en insturen







Referenties