Doorlooptijd
10 werkdagen
48.4
40
Genetische test voor de GAA c.2237G>A-variant die GSD II / ziekte van Pompe bij de Lappenhond veroorzaakt.
Overzicht
Deze genetische test analyseert de GAA-variant c.2237G>A voor GSD II / ziekte van Pompe bij de Lappenhond. De aandoening wordt ook aangeduid als GSD II / ziekte van Pompe, glycogeenstapelingsziekte, GSD en een GAA-gerelateerde stofwisselingsziekte.
GSD II is een lysosomale glycogeenstapelingsziekte. Aangedane honden kunnen door opstapeling van glycogeen spierzwakte, verminderd uithoudingsvermogen, slik- of eetproblemen, slecht groeien, ademhalingsproblemen en hartspierveranderingen ontwikkelen. Bij jonge dieren kan de aandoening ernstig en progressief verlopen.
GAA codeert voor zure alfa-glucosidase, een enzym dat glycogeen in lysosomen afbreekt. De geteste variant verstoort deze enzymfunctie, waardoor glycogeen in cellen opstapelt en vooral spier- en hartweefsel kan beschadigen.
Het kenmerk erft autosomaal recessief over. Dragers hebben één kopie en zijn meestal zelf niet aangedaan; honden met twee kopieën ontwikkelen de geteste vorm van de aandoening.
De test maakt een verborgen recessief risico zichtbaar vóórdat fokbeslissingen worden genomen. Dat is praktisch belangrijk omdat dragers gezond kunnen lijken, terwijl twee dragers samen aangedane pups kunnen krijgen.
Inbegrepen deelanalyses
Deze analyse omvat de volgende subanalyse:
Allelcombinaties en interpretaties
Hieronder vind je per onderzocht locus de mogelijke allelencombinaties die binnen deze analyse gerapporteerd kunnen worden, met telkens een korte toelichting van hun genetische betekenis. De interpretatie van mogelijke interacties tussen verschillende loci wordt op het rapport meegenomen, maar wordt hier niet volledig weergegeven omdat dat op deze pagina tot te veel combinaties zou leiden. De uiteindelijke uiting kan bovendien mee afhangen van andere genen en hun onderlinge interactie.
Genotype / allelencombinatie: Vrij (GG)
De hond draagt de geteste GAA c.2237G>A-variant niet. Dit genotype veroorzaakt GSD II / ziekte van Pompe niet en geeft deze variant niet door aan nakomelingen.
Genotype / allelencombinatie: Drager (GA)
De hond draagt één kopie van de GAA c.2237G>A-variant. Eén kopie veroorzaakt GSD II / ziekte van Pompe niet, maar de variant kan wel worden doorgegeven. Combineer dragers alleen met vrij geteste dieren.
Genotype / allelencombinatie: Aangedaan (AA)
De hond draagt twee kopieën van de GAA c.2237G>A-variant. Dit genotype veroorzaakt GSD II / ziekte van Pompe; het dier geeft de variant door aan alle nakomelingen.
Bemonstering en insturen





Referenties