Doorlooptijd
10 werkdagen
48.4
40
DNA-test voor de B4GALT7-variant c.50G>A die Friese dwerggroei bij het Fries paard veroorzaakt.
Overzicht
Deze genetische test onderzoekt de B4GALT7-variant c.50G>A die Friese dwerggroei, ook bekend als Friesian dwarfism of B4GALT7-gerelateerde dwerggroei, bij het Fries paard veroorzaakt. Aangedane paarden vertonen een typische onevenredige groei: ledematen, ribben en vaak ook de nek blijven korter, terwijl hoofdgrootte en ruglengte relatief normaal kunnen lijken.
De variant verstoort de normale functie van B4GALT7, een gen dat betrokken is bij de opbouw van extracellulaire matrix en een normale botontwikkeling. Daardoor ontstaan afwijkingen in groei en gewrichtsondersteuning, waaronder slappere buigpezen en hyperextensie van de kogelgewrichten.
Omdat Friese dwerggroei autosomaal recessief overerft, helpt deze DNA-test om dragers betrouwbaar te herkennen en drager-dragercombinaties te vermijden. Zo kunnen fokkers de geboorte van aangedane veulens voorkomen en tegelijk waardevolle bloedlijnen gericht blijven inzetten.
Inbegrepen deelanalyses
Deze analyse omvat de volgende subanalyse:
Allelcombinaties en interpretaties
Hieronder vind je per onderzocht locus de mogelijke allelencombinaties die binnen deze analyse gerapporteerd kunnen worden, met telkens een korte toelichting van hun genetische betekenis. De interpretatie van mogelijke interacties tussen verschillende loci wordt op het rapport meegenomen, maar wordt hier niet volledig weergegeven omdat dat op deze pagina tot te veel combinaties zou leiden. De uiteindelijke uiting kan bovendien mee afhangen van andere genen en hun onderlinge interactie.
Genotype / allelencombinatie: Vrij / normaal genotype (GG)
Het geteste paard draagt de onderzochte variant voor Friese dwerggroei niet. Het dier ontwikkelt deze autosomaal recessieve aandoening door deze variant niet en geeft deze variant niet door aan nakomelingen.
Genotype / allelencombinatie: Drager / één kopie (GA)
Het geteste paard draagt één kopie van de onderzochte variant. Het dier is drager en wordt door één kopie doorgaans niet ziek, maar kan de variant aan ongeveer de helft van de nakomelingen doorgeven. Twee dragers combineren kan aangedane veulens geven.
Genotype / allelencombinatie: Aangedaan / twee kopieën (AA)
Dit paard heeft twee kopieën van de B4GALT7 c.50G>A-variant. Dit genotype veroorzaakt Friese dwerggroei met onevenredige groei en gewrichts-/peeslaxiteit.
Bemonstering en insturen







Referenties