Doorlooptijd
10 werkdagen
72.6
60
DNA-risicopanel voor Doberman DCM met vier markers: DCM1 (PDK4), DCM2 (TTN), DCM3 (LOC102156622-regio) en DCM4 (RNF207).
Overzicht
Deze DNA-test bepaalt vier genetische risicomarkers voor dilaterende cardiomyopathie bij de Doberman: DCM1 in PDK4, DCM2 in TTN, DCM3 op chromosoom 5 in de LOC102156622-regio en DCM4 in RNF207. Het ziektebeeld wordt ook aangeduid als DCM, Doberman DCM, dilated cardiomyopathy, verwijde cardiomyopathie of congestieve cardiomyopathie wanneer hartfalen ontstaat.
Dit is bewust een risicopanel. Doberman DCM is geen eenvoudige één-gen-één-ziekte aandoening, maar een complex hartziektebeeld waarbij meerdere genetische factoren samen met leeftijd, familielijn en andere invloeden bepalen hoe groot het risico wordt. Door meerdere markers tegelijk te testen krijgt de eigenaar of fokker meer bruikbare informatie dan met één losse marker.
Bij dilaterende cardiomyopathie wordt de hartspier zwakker en kunnen vooral de linker hartkamer en soms ook andere hartkamers verwijden. Het hart pompt minder krachtig, waardoor ritmestoornissen, verminderde inspanningstolerantie, flauwvallen, vochtophoping, hartfalen of plotse sterfte kunnen optreden. Bij Dobermans is DCM een belangrijk en ernstig gezondheidsprobleem dat vaak pas op volwassen leeftijd zichtbaar wordt.
Een genetische uitslag geeft geen simpele voorspelling van het exacte moment waarop klachten ontstaan. De uitslag maakt wel zichtbaar welke geteste risicomarkers aanwezig zijn. Dat is waardevolle informatie voor fokselectie, voor het plannen van combinaties en voor gerichtere opvolging binnen lijnen waarin DCM voorkomt.
Het panel wordt geïnterpreteerd als multifactorieel. Voor sommige markers kan één kopie al risicoinformatie geven, terwijl andere markers vooral in combinatie met andere genetische factoren betekenis krijgen. Daarom is de belangrijkste vraag niet alleen of één marker positief is, maar hoeveel risicosignalen samen aanwezig zijn en in welke fok- of familiecontext de hond staat.
De deelanalyses rapporteren per marker of geen, één of twee kopieën van de relevante markerklasse worden aangetoond. Bij DCM1 en DCM2 worden de allelen weergegeven als N/DCM1 en N/DCM2. Bij DCM3 en DCM4 worden de nucleotide-genotypes weergegeven wanneer die veilig uit de markerdefinitie volgen.
Voor Dobermanfokkers is deze test vooral nuttig om genetische risicobelasting zichtbaar te maken vóór een fokbeslissing. Een hond met meerdere risicomarkers vraagt een andere combinatieplanning dan een hond zonder de geteste markers. De uitslag helpt om lijnen beter te vergelijken, verwante dieren gericht te testen en combinaties te vermijden waarbij risicosignalen onnodig worden opgestapeld.
Voor eigenaars en dierenartsen geeft het panel extra context bij een ras waarin DCM vaak volwassen en soms plots zichtbaar wordt. De DNA-uitslag kan helpen om opvolging, familieonderzoek en communicatie rond fokwaarde concreter te maken. Combineer de uitslag met leeftijd, familiegegevens en hartopvolging voor de sterkste beslissingen.
Inbegrepen deelanalyses
Deze analyse omvat de volgende deelanalyses:
Allelcombinaties en interpretaties
Hieronder vind je per onderzocht locus de mogelijke allelencombinaties die binnen deze analyse gerapporteerd kunnen worden, met telkens een korte toelichting van hun genetische betekenis. De interpretatie van mogelijke interacties tussen verschillende loci wordt op het rapport meegenomen, maar wordt hier niet volledig weergegeven omdat dat op deze pagina tot te veel combinaties zou leiden. De uiteindelijke uiting kan bovendien mee afhangen van andere genen en hun onderlinge interactie.
Genotype / allelencombinatie: N/N
De DCM1-risicomarker is niet aangetoond in deze deelanalyse. Voor deze marker geeft dit resultaat geen extra genetisch DCM-risicosignaal. Andere DCM-markers en de bredere familiecontext blijven belangrijk voor de totale beoordeling.
Genotype / allelencombinatie: N/DCM1
Eén kopie van de DCM1-risicomarker is aangetoond. Dit resultaat verhoogt de genetische risicoinformatie voor Doberman DCM en betekent dat de hond deze marker aan ongeveer de helft van zijn nakomelingen kan doorgeven. Gebruik dit resultaat actief bij fokcombinaties.
Genotype / allelencombinatie: DCM1/DCM1
Twee kopieën van de DCM1-risicomarker zijn aangetoond. Dit geeft voor deze marker een duidelijke genetische risicobelasting en betekent dat de hond deze marker aan al zijn nakomelingen doorgeeft. Combineer dit resultaat met de andere DCM-markers bij selectie en opvolging.
Genotype / allelencombinatie: N/N
De DCM2-risicomarker is niet aangetoond in deze deelanalyse. Voor deze marker geeft dit resultaat geen extra genetisch DCM-risicosignaal. Andere DCM-markers en de bredere familiecontext blijven belangrijk voor de totale beoordeling.
Genotype / allelencombinatie: N/DCM2
Eén kopie van de DCM2-risicomarker is aangetoond. Dit resultaat verhoogt de genetische risicoinformatie voor Doberman DCM en betekent dat de hond deze marker aan ongeveer de helft van zijn nakomelingen kan doorgeven. Gebruik dit resultaat actief bij fokcombinaties.
Genotype / allelencombinatie: DCM2/DCM2
Twee kopieën van de DCM2-risicomarker zijn aangetoond. Dit geeft voor deze marker een duidelijke genetische risicobelasting en betekent dat de hond deze marker aan al zijn nakomelingen doorgeeft. Combineer dit resultaat met de andere DCM-markers bij selectie en opvolging.
Genotype / allelencombinatie: G/G
Het DCM3-markerresultaat is G/G. Binnen deze markerklasse geeft dit een sterker DCM3-risicosignaal dan de alternatieve markerklassen. Gebruik dit resultaat samen met DCM1, DCM2 en DCM4 bij fokselectie en lijnbeoordeling.
Genotype / allelencombinatie: G/A
Het DCM3-markerresultaat is G/A. Dit is een gemengde markerklasse en moet samen met de andere DCM-markers worden beoordeeld. Het resultaat is nuttig voor lijnvergelijking en om risicosignalen niet onnodig te combineren.
Genotype / allelencombinatie: A/A
Het DCM3-markerresultaat is A/A. Voor deze marker geeft dit niet hetzelfde verhoogde DCM3-risicosignaal als G/G. Beoordeel het resultaat wel samen met DCM1, DCM2 en DCM4, omdat Doberman DCM multifactorieel is.
Genotype / allelencombinatie: G/G
De DCM4-risicomarker is niet aangetoond in deze deelanalyse. Voor deze marker geeft dit resultaat geen extra genetisch DCM-risicosignaal. Andere DCM-markers en de bredere familiecontext blijven belangrijk voor de totale beoordeling.
Genotype / allelencombinatie: G/A
Eén kopie van de DCM4-risicomarker is aangetoond. Dit resultaat verhoogt de genetische risicoinformatie voor Doberman DCM en betekent dat de hond deze marker aan ongeveer de helft van zijn nakomelingen kan doorgeven. Gebruik dit resultaat actief bij fokcombinaties.
Genotype / allelencombinatie: A/A
Twee kopieën van de DCM4-risicomarker zijn aangetoond. Dit geeft voor deze marker een duidelijke genetische risicobelasting en betekent dat de hond deze marker aan al zijn nakomelingen doorgeeft. Combineer dit resultaat met de andere DCM-markers bij selectie en opvolging.
Bemonstering en insturen






Referenties