Doorlooptijd
10 werkdagen
48.4
40
Genetische test voor de SLC3A1 c.350delG-variant die cystinurie type I-A en cystinestenen bij de Labrador Retriever veroorzaakt.
Overzicht
Deze genetische test analyseert de SLC3A1-variant c.350delG voor cystinurie type I-A bij de Labrador Retriever. Cystinurie wordt ook beschreven als cystine-urolithiasis, cystinestenen, cystinecalculi, cystineblaasstenen of cystine-nierstenen. De test bepaalt of de hond vrij, heterozygoot positief/drager of homozygoot positief/aangedaan is voor deze specifieke variant.
Cystinurie is een erfelijke stofwisselingsaandoening waarbij de nieren cystine en verwante aminozuren onvoldoende terug opnemen. Daardoor komt er te veel cystine in de urine terecht. Cystine lost slecht op en kan kristallen of stenen vormen in blaas, urethra of nieren.
De aandoening wordt ook aangeduid als cystine-urolithiasis, cystinestenen, cystinecalculi, cystineblaasstenen of cystine-nierstenen. Klachten kunnen bestaan uit persen bij het plassen, vaak kleine beetjes plassen, bloed in de urine, terugkerende blaasontsteking en urinewegobstructie. Vooral bij reuen kan een obstructie snel ernstig worden door de smallere plasbuis.
Het kenmerk erft autosomaal recessief over. Een hond met twee normale allelen is vrij. Een hond met één kopie is drager en kan de variant doorgeven. Een hond met twee kopieën is genetisch aangedaan voor deze geteste vorm van cystinurie.
Andere oorzaken kunnen ook urinewegklachten veroorzaken. Deze test geeft daarom gerichte genetische informatie over de variant waarvoor de analyse is ontworpen.
Inbegrepen deelanalyses
Deze analyse omvat de volgende subanalyse:
Allelcombinaties en interpretaties
Hieronder vind je per onderzocht locus de mogelijke allelencombinaties die binnen deze analyse gerapporteerd kunnen worden, met telkens een korte toelichting van hun genetische betekenis. De interpretatie van mogelijke interacties tussen verschillende loci wordt op het rapport meegenomen, maar wordt hier niet volledig weergegeven omdat dat op deze pagina tot te veel combinaties zou leiden. De uiteindelijke uiting kan bovendien mee afhangen van andere genen en hun onderlinge interactie.
Genotype / allelencombinatie: Vrij / normaal genotype (N/N)
Het genotype N/N betekent dat de geteste SLC3A1-variant c.350delG niet is aangetoond. Deze hond ontwikkelt deze variantgebonden vorm van cystinurie type I-A niet en geeft de geteste variant niet door.
Genotype / allelencombinatie: Drager / één kopie (N/del)
Het genotype N/del betekent dat de hond één kopie van de geteste SLC3A1-variant c.350delG draagt. Eén kopie veroorzaakt deze autosomaal recessieve vorm niet, maar de hond kan de variant doorgeven. Combineer in de fok alleen met een vrije partner.
Genotype / allelencombinatie: Aangedaan / twee kopieën (del/del)
Het genotype del/del veroorzaakt deze geteste vorm van cystinurie type I-A. De hond heeft twee kopieën van de SLC3A1-variant c.350delG, is genetisch aangedaan en geeft de variant aan alle nakomelingen door.
Bemonstering en insturen





Referenties